Nog geen reacties

Homilie en lezingen bij het Hoogfeest van de Heilige Drie-eenheid

Eerste lezing
Uit het boek Exodus. (Ex. 34,4b-6.8-9)

In die dagen besteeg Mozes ‘s morgens vroeg de Sinaï,
zoals de Heer hem bevolen had.
De twee stenen platen nam hij mee.
De Heer daalde neer in een wolk, kwam bij hem staan
en riep de naam van de Heer uit.
De Heer ging hem voorbij en riep:
“De Heer!
De Heer is een barmhartige en medelijdende God,
groot in liefde en trouw.”
Onmiddellijk viel Mozes op zijn knieën en boog zich neer.
Toen sprak hij:
“Och Heer, wees zo goed en trek met ons mee.
Dit volk is wel halsstarrig,
maar vergeef toch onze misdaden en zonden,
en beschouw ons als uw eigen bezit.”

Tweede lezing
Uit de tweede brief van de heilige apostel Paulus aan de christenen van Korinte. (2 Kor. 13,11-13)

Broeders en zusters,
laat alles weer goed komen, neemt mijn vermaning ter harte,
weest eensgezind, bewaart de vrede,
en de God van liefde en vrede zal met u zijn.
Groet elkander met de heilige kus.
U groeten al de heiligen.
De genade van de Heer Jezus Christus, de liefde van God
en de gemeenschap van de heilige Geest
zij met u allen. Amen.

Evangelie
Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Johannes.
(Joh. 3,16-18)

In die tijd zei Jezus tot Nikodemus:
“Zo zeer heeft God de wereld liefgehad,
dat Hij zijn eniggeboren Zoon heeft gegeven,
opdat al wie in Hem gelooft, niet verloren zal gaan,
maar eeuwig leven zal hebben.
God heeft zijn Zoon niet naar de wereld gezonden
om de wereld te oordelen,
maar opdat de wereld door Hem zou worden gered.
Wie in Hem gelooft, wordt niet geoordeeld,
maar wie niet gelooft, is al veroordeeld,
omdat hij niet heeft geloofd
in de Naam van de eniggeboren Zoon van God.”

Homilie

Een oud verhaal uit de 12de eeuw vertelt over een kindje aan de rivier die door Parijs loopt, de Seine. Hij schept water uit de rivier en giet dat in een put aan de kade. Er komt een man langs, een geleerde, een theoloog die werkte aan een tractaat over de h. Drie-eenheid. ‘Wat ben je aan het doen?’, vraagt hij aan het kindje. Het kind zegt: ‘Ik wil de rivier overscheppen in de kuil’. ‘Maar dat is toch niet te doen!’, zegt de theoloog. Waarop het kindje antwoordt: ‘Is waar u mee bezig bent dan wel te doen, namelijk het willen doorgronden van het mysterie van de h. Drie-eenheid?’

Een legendarisch verhaal, dat als een waarschuwing voor gelovigen geldt, dat de drie-eenheid van God nooit geheel begrepen kan worden. Dus ja, waar te beginnen, vandaag op het feest van vandaag? Misschien is een goede ingang het getal 3. Dat is een priemgetal, het je kunt het alleen door zichzelf delen. Het vormt zo een eenheid in drie-en. Het is ook de kleinste waarde om een ruimte te creëren. Pas als je drie punten op een papier zet, kun je een ruimte tekenen, een driehoek. Drie speelt ook in onze menselijke relaties een rol. Als mensen trouwen in de kerk, wordt van hen gevraagd of ze openstaan voor het ontvangen van kinderen. Daarmee wordt het echtpaar gevraagd of ze erop vertrouwen, dat het leven de moeite waard is om doorgegeven te worden. En of ze ruimte willen maken in hun relatie voor een ander. Mensen voelen zich soms in aanwezigheid van een stel een ‘derde wiel aan de wagen’. Dat komt omdat een relatie van twee een geslotenheid kan hebben waarin geen ruimte is voor iemand van buiten. We kennen dit zo goed, ofwel uit eigen ervaring ofwel door romantische films en boeken, waarin twee geliefden helemaal in elkaar opgaan, in een soort eigen bubbel zitten. Een toestand die onherroepelijk op gespannen voet komt te staan met de wereld erbuiten. Met drie is dat al lastiger. Want er lopen dan meerdere relatielijnen door elkaar. Als er tenminste ruimte is voor elke persoon en zijn of haar eigenheid.

In de psychologie is veel geschreven over de verhouding tussen individu en maatschappij, dan gaat het om twee polen en de spanning die er kan zijn tussen enerzijds ‘jezelf willen zijn’ en anderzijds de kansen maar ook bedreigingen die de samenleving waarbinnen dat moet gebeuren met zich meebrengt. Dat is voor ieder mens wel min of meer herkenbaar. Maar voor een gelovige is er altijd een derde pool, namelijk God. Je kunt jezelf als gelovige beschouwen als onderdeel van een drie-eenheid: jezelf, je omgeving, en God.

Het getal 3, leven vanuit een driepolige relatie, lijkt zo ergens heel natuurlijk voor ons bestaan. Wordt daarin niet iets uitgedrukt, dat we als beeld van God geschapen zijn? Beeld van God is niet hetzelfde als God zelf. God zelf blijft ook altijd iets onkenbaars en mysterievols houden. Daar herinnerde het kind de theoloog aan, en dat mogen wij ook nooit vergeten. Hoe zit het dan met de goddelijke Drie-eenheid? Moderne theologen als Karl Rahner hebben een onderscheid gemaakt tussen de immanente Drie-eenheid van God en de heilseconomische Drie-eenheid. Die twee staan niet los van elkaar, maar helpen ons om enerzijds het onkenbare van God te handhaven, en tegelijkertijd wel te vertrouwen op hoe God zich in de geschiednis heeft laten kennen, als een God die relatie is in zichzelf. En daarvoor is de openbaring in de h. Schrift de eerste bron.

In de eerste lezing van vandaag komen we God de Vader tegen, die zich, gehuld in een wolk, kenbaar maakt aan Mozes als barmhartig, medelijdend en groot in liefde en trouw. En in het evangelie openbaart Christus zichzelf als de Zoon, niet gekomen om te oordelen, maar om te redden. Paulus besluit zijn tweede brief aen de christenen in Korinthe met de trinitaire formule die wij herkennen in de opening van iedere Eucharistieviering: ‘De genade van de Heer Jezus Christus, de liefde van God en de gemeenschap van de heilige Geest zij met u allen.’ De openbaring van God als Vader, Zoon en Geest, wordt ons zo steeds voorgehouden als een uitnodiging om ons eigen leven, in onze tijd, met onze omgeving, te verbinden met God, die in zichzelf relatie is, en openstaat naar zijn schepping, naar ons. De Geest is het die ons kan binnenvoeren in het mysterie en ons er vertrouwd mee kan maken. We kunnen de Geest niet berijpen, wèl herkennen in de krachten die ons aansporen vrede te zoeken, en liefde, trouw, barmhartig te zijn en medelijdend. Dat zijn de krachten die we genade noemen, die op ons inwerkt en ons voert naar gemeenschap met God en met elkaar.

De heilige Drie-Eenheid. Natuurlijk worden we erdoor gefascineerd, en zouden soms we het liefst die grote mysterieuze stroom van genade in een put willen scheppen vanuit ons verlangen naar helder inzicht. Maar zou het niet vooral goed zijn ons toe te vertrouwen aan wat ons is geopenbaard, en steeds weer, zoekend en vindend, en weer zoekend en weer beter leren kennend, binnen te treden in de levende dynamiek tussen onszelf, onze omgeving en God, Vader Zoon en h. Geest? De heilige Drie-Eenheid is ons geopenbaard in de Schrift en wil zich steeds opnieuw openbaren in het leven van de kerk, in het leven van iedere gelovige, van ons.

Reacties zijn gesloten.